De leeuw die je bent

Een schaapsherder vertoefde op een dag vredig met zijn kudde aan de rand van het woud. Tot er opeens een leeuwin uit het groen tevoorschijn kwam.... de herder en zijn schapen verstijfden van schrik. Maar de leeuwin zakte op het gras ineen, baarde daar moeizaam een welpje en stierf daarop van uitputting. Moederlijk ontfermden de schapen zich vanaf dat moment over het pasgeboren leeuwtje, met hun melk en warme vachten. Zo groeide de leeuwenwelp op als een schaap: hij leerde te blaten als een schaap, te lopen als een schaap en te grazen. Hij wist niet beter of hij was zelf ook een schaap.Maar op een dag sloop er een hongerige leeuw op de kudde af. Hij verschool zich spiedend tussen het gewas en schoot toen in de aanval. De schapen stoven luid blatend uiteen. Ook de kleine leeuw maakte zich uit de voeten. De grote leeuw was zó verbaasd om dit te zien, dat hij zijn honger helemaal vergat. Hij joeg de kleine leeuw apart op en isoleerde hem van de kudde.Bevend van angst keek het jonge dier hem aan. 'Waarom ben je zo bang?' vroeg de grote leeuw verbaasd, 'weet je wel wie je bent? ' 'Ik ben maar een schaap', antwoordde de kleine leeuw, 'alsjeblieft, doe mij niets aan!'De grote leeuw voerde hem vriendelijk mee naar een meertje; samen keken ze daar in de waterspiegel. 'Kijk dan',  zei de grote leeuw, 'zie je je eigen gezicht nu naast dat van mij? Dat ben jij, een echte leeuw, een roofdier. Je zou moeten brullen!'En dat is precies, wat de kleine leeuw deed. Hij brulde voor het eerst van zijn leven, vol energie en vreugde. ...Dit verhaal gaat natuurlijk over ons; we wanen ons immers zwak en kwetsbaar. Omdat we mensen-lichamen om ons heen zien, gaan we ervan uit dat wij…

0 Reacties

Krishna en Balarama

Op een avond bij volle maan liepen Krishna en zijn broer Balarama door het woud. Het was al laat, ze waren moe en besloten onder de bomen te overnachten. Het stond bekend als een gevaarlijk woud, dus Krishna stelde voor: 'Balarama, als jij de wacht houdt tot middernacht, kan ik een tijdje slapen en daarna houd ik de wacht voor jou tot de zon opkomt.' Balarama vond dat een goed idee en ging tegen een boom zitten, terwijl Krishna op de bosgrond in slaap viel.Na enige tijd hoorde Balarama geritsel in de struiken. Met kloppend hart sprong hij op een liep er behoedzaam op af. Hij tuurde door de duisternis en ontwaarde tot zijn schrik een heus monster vlakbij! Het monster gromde gevaarlijk, met glinsterende ogen die Balarama aanstaarden.Balarama bevroor van angst. Rillend kermde hij 'Waaaaaah...!'Meteen werd het monster nog groter en dreigender. Iedere keer dat Balarama rilde en piepte van angst, groeide het monster verder. Zijn ogen werden steeds roder, zijn klauwen scherper, zijn grommen woester. Het beest torende al hoog boven Balarama uit. Deze had het niet meer, het angstzweet stroomde langs zijn lijf. In paniek riep hij zijn jonge broer: 'Krishna, Krishna!' Toen bezweek hij van angst.Krishna opende zijn ogen en keek slaperig om zich heen. Daar zag hij Balarama liggen. 'Ah', zei Krishna, 'mijn broer slaapt al, nu ben ik zeker aan de beurt om te waken.' Hij stond rustig op en liep wat tussen de bomen heen en weer. Na een tijdje ontwaarde hij het monster achter het struikgewas, dat dreigend naar hem gromde. 'Hee, wie ben jij?' informeerde Krishna vriendelijk, helemaal niet bang. Het monster begon meteen te krimpen. 'Wat doe je hier?' vroeg Krishna weer, nieuwsgierig en ontwapenend. Het monster gromde zachtjes terug en werd nog wat kleiner. Weer vroeg Krishna: 'Zoek je iets?…

0 Reacties

Ademruimte

Lang geleden was ik de oppas van een jongen van een jaar of twaalf die aan astma leed, laten we hem Michael noemen.Michael had twee 'pufs' (inhalers) voor zijn aandoening: een paarse voor basaal onderhoud en een blauwe voor plotselinge aanvallen. Zijn moeder liet hem daar zelf voor zorgen; hij was nu toch wel groot genoeg.Op een mooie zomerdag gingen we naar het strand, waar Michael in de vrolijke opwinding opeens een astma-aanval kreeg. Gelukkig had hij zijn blauwe puf bij zich. Piepend en hijgend ging hij zitten en plaatste het ding over zijn neus, maar dat hielp niet veel. Vreemd genoeg lukte het niet om de aanval onder controle te krijgen. Normaal bood zijn blauwe inhaler een snelle redding. We moesten tenslotte zelfs naar de Eerste Hulp. Daar hielpen ze hem weer wat lucht te krijgen. Na enig doorvragen biechte Michael op dat hij al een tijdje gestopt was de paarse puf te gebruiken. 'Ik voel het verschil toch niet', legde hij uit. Maar zonder dit dagelijkse onderhoud was het acute medicijn voor aanvallen ook niet meer effectief, dat werd nu overduidelijk. De dokter legde Michael uit dat hij de paarse puf echt regelmatig moest blijven gebruiken, en dat deed hij voortaan ook weer braaf.  Later bedacht ik me dat het met de mindfulnessbeoefening vergelijkbaar werkt. En met veel dingen natuurlijk. Je kunt niet één dag gezond gaan leven en hopen dat dat meteen al je kwalen geneest.Onze dagelijkse beoefening (zoals meditatie of yoga) is zoals de paarse inhaler, en wat je aangrijpt om te kalmeren als het opeens heel moeilijk wordt, is als de blauwe inhaler.Als je geregeld mediteert en ook in het dagelijks leven gewend raakt om afstand te nemen van je gedachten, ontstaat er een basis van rust in jezelf. Misschien lijkt je dagelijkse meditatie van tien,…

0 Reacties

De stilte zit in de muren – 25 jaar zencentrum Noorder Poort

Jiun Hogen roshi, spiritueel leider van zencentrum Noorder Poort, sprak eens tegen mij over het belang van op één plek te blijven als sangha. Alle jaren van intensieve meditatie beïnvloeden de sfeer van het gebouw. De stilte gaat als het ware in de muren zitten. Dat is de waarde van een klooster; de hele omgeving wordt als het ware heilige grond. Het huis, de mensen en het terrein ademen harmonie en vrede.  Hoe belangrijk en kostbaar is het, dat er zulke plekken bestaan, waar het leven om de innerlijke (en daarmee ook de uiterlijke) vrede draait; waar de waanzin van de wereld naar de achtergrond verdwijnt. In de tuin van de Noorder Poort staat dan ook een houten paal met de tekst: ‘Moge vrede heersen op aarde’. Vakantie van het egoEen van Jiun roshi’s favoriete koans was een tijd lang ‘De eikenboom in de voortuin’.Die koan gaat ongeveer zo. Een monnik vroeg aan meester Joshu: wat is de betekenis van zen? Zenmeester Joshu antwoordde: de eikenboom in de voortuin.  Wat zou dit betekenen?  Er staan overigens enkele eiken in de tuin van de Noorder Poort. Kijk eens goed naar zo’n boom. Die eik staat er alleen maar. Bomen hebben geen pretenties, geen ingewikkelde ideeën, geen spijt. Kijk eens met je hart, open jezelf en word één met de eik.  Een boom werkelijk zien betekent: één worden met de boom. Geen afstand, geen idee van mijzelf als kijker. Alleen maar deze ervaring. Zo, zou je kunnen zeggen, zie je de werkelijkheid zoals hij is. Het hele universum vertegenwoordigd in een boom. Dit was waartoe Jiun roshi ons vaak aanspoorde. Word één met een boom, met een geluid, met wat je ook maar ervaart. Wat overblijft, is alleen maar Dit. Je vergeet jezelf. Wat een vrijheid! Iemand zei eens aan het begin…

0 Reacties

Verlangen

I am happy - knowing thatwhat is meant for mewill never miss meand what misses mewas nevermeant for me.Bob Marley Die gedachten verzinnen maar wat Het is een vreemd iets,dat we doorgaans zoveel denkenterwijl we eigenlijk het gelukkigst zijnals we niets denken. Ik herinner me dat ik op een dag, heel lang geleden, iets ontdekte over mijn gedachten. Als ik onrust ervoer, gingen mijn gedachten ijverig op zoek naar iets om te verlangen. Zodra ze dan iets te pakken hadden, bijvoorbeeld een spannend plan om uit te voeren, een ambitieus doel om te bereiken of iets lekkers om te eten, lieten ze dat niet meer los. Mijn gedachten draaiden dan obsessief om dit verlangen - met erin de (valse) belofte van rust en tevredenheid. Het gaf weliswaar een zekere focus en energie. Maar als ik dan eindelijk het voorwerp van mijn verzonnen behoefte bereikt had, was er nog steeds geen rust. Er kwamen dan allerlei oordelen op over dat wat ik bereikt had. Want het viel tegen, was niet goed genoeg en het duurde maar zo kort. Zo volgde het ene verlangen het andere op. Met iedere keer het idee 'als ik dit of dat nu bereik, dan heb ik eindelijk rust'. Maar dat was natuurlijk nooit echt waar. Toen ik dit proces kon opmerken was dat al een hele bewustwording. Langzaamaan werd ik minder geneigd om werkelijk te geloven dat er een blijvende vervulling lag in tijdelijke genoegens of prestaties. Innerlijke marketingZolang we onze gedachten blijven geloven, zijn we er slaaf van. Als de gedachten zeggen: ik wil dit of dat, dan geloven we dat meestal zomaar.Die gedachten pretenderen ons te helpen en te beschermen, maar in feite creëren ze nog meer onrust en verwarring! Het denken is altijd dwangmatig op zoek naar problemen, fouten en oplossingen. We zouden wat skeptischer moeten staan tegenover…

0 Reacties

Je inspannen om te ontspannen

In een oude boeddhistische tekst drijft de monnik Sona zichzelf tot het uiterste om zijn mindfulnessbeoefening en meditatie grondig te doen. Hij slaapt zo min mogelijk en doet uren achtereen loopmeditatie, tot zijn voeten bloeden. Maar hij bemerkt geen resultaat, voelt zich nog steeds onrustig en ongelukkig.Sona begint te twijfelen of het eigenlijk allemaal wel zin heeft en of hij niet beter terug kan keren naar zijn gewone leventje in de wereld.De Boeddha krijgt hier hoogte van en zoekt Sona op. Hij vergelijkt diens geworstel met het stemmen van de vina (een soort sitar) die Sona ooit vaardig bespeeld heeft. Als de snaren te strak aangespannen waren, klonk de vina dan goed? vraagt de Boeddha.Nee, zegt Sona - en als ze te slap waren gespannen ook niet, constateert hij. Maar als de snaren precies goed waren gestemd, was de vina dan zuiver en mooi bespeelbaar? Dat beaamt Sona.Daarop legt de Boeddha aan Sona uit, dat op dezelfde manier overdreven inspanning in de meditatie tot rusteloosheid leidt - en een te slappe inzet tot luiheid. Dus moet Sona leren aanvoelen wat de juiste mate van inspanning is, zijn inzet balanceren en zich zo op de meditatie richten. Een les voor ons allemaal eigenlijk. Dit is de eeuwige paradox van onze beoefening: er is enig doorzettingsvermogen nodig om bewust te worden en los te komen uit onze automatiscche gedachten. Meditatie is immers geen slaap, het is een helder aanwezig zijn.Mijn vader maakte soms dit grapje tegen mijn moeder: 'Ik moet me erg inspannen om me te ontspannen!' Zo lang we in onze onbewuste toestand blijven, verandert er immers niets. We moeten de moeite nemen om stil te staan, te kijken, stil te worden en ons niet te laten meeslepen. Maar als we té hard ons best doen, en iedere ademhaling willen vastleggen, alle gedachten…

0 Reacties

Toevlucht in het zenklooster

Sankiraimon – De drie toevluchten ji ki e butsu – tō gan shu jō – tai ge dai dō – hotsu mu jō iIk neem toevlucht tot de Boeddhamet alle levende wezens;mogen wij de grote Weg belichamenen ontwaken tot de grenzeloze geest. ji kie hō – tō gan shu jō – jin nyu kyō zō – chi e nyo kaiIk neem toevlucht tot de Dharmamet alle levende wezens;mogen wij de schatkamer van de soetra’s binnengaan;wijsheid zo diep als de oceaan. ji kie sō – tō gan shu jō – tō ri dai shu – issai mu geIk neem toevlucht tot de Sanghamet alle levende wezens;mogen wij in harmonie met de grote gemeenschap leven,vrij van belemmeringen. Elke morgen zongen we in Bukkokuji gedragen en langzaam deze drie toevluchten, nog voorafgaand aan de soetra’s. Daarbij deden we drie diepe buigingen naar het altaar, als een dagelijkse herinnering aan ons spirituele ijkpunt. Iedereen die wilde, heeft door de eeuwen heen toevlucht kunnen nemen in de Boeddha, de Dharma en de Sangha. En eenieder doet dat om zijn eigen beweegredenen en op zijn eigen manier. Buiten is het niet veilig Op een dag zat ik in het halletje onder de zendo te stretchen voor zazen. Een jonge Japanse monnik, laten we hem Zengyo noemen, voegde zich bij mij en deed ook wat strekoefeningen. Zo raakten we een beetje aan de praat; een uitwisseling beperkt tot het speelvlak van mijn beetje Japans en zijn beetje Engels. Zengyo was een zachtaardige, rustige jongen. Aan zijn uitstraling kon je wel zien, dat hij uit de grote stad kwam: een coole gast, een vleugje streetwise. Hij was pas een paar maanden in Bukkokuji, maar had al vrij snel de stap genomen om monnik te worden. Met zijn kale hoofd, de golvende lokken afgeschoren, paste hij nu goed in…

0 Reacties

Steeds minder woorden

In zen wordt wel gezegd: 'De woorden van de meester zijn als een vinger die naar de maan wijst.'Net zoals het niet de bedoeling is dat je naar die vinger kijkt, maar wel naar de maan, zo moeten we niet in wijze woorden blijven hangen, maar landen in de stilte waar ze naar verwijzen. De taal voorbij. Toen ik een tijdje terug een workshop moest geven in het buurthuis, trof ik daar een flip-over aan met erop de tekst geschreven: Ik ben niet goed genoegIk ben goed genoegIk ben goedIk ben Waarschijnlijk afkomstig van een vorige workshop. Ik wist natuurlijk niet precies hoe het bedoeld was geweest, maar het leek me ook heel toepasselijk voor mijn thema. Die dag ging ik juist met mijn groep mediteren en het hebben over het pure zijn. Ik bekeek de tekst eens stap voor stap:- Ik ben niet goed genoegKent niet iedereen bij tijd en wijle die beklemmende overtuiging 'ik ben niet goed genoeg'? Wanneer er zelf-kritische gedachten opkomen, wanneer we onzeker zijn en bang om te falen. Dan is er dat idee, dat 'ik niet goed genoeg ben'. Het is eigenlijk alleen maar een rare gedachte, of meer een angstig gevoel. En hoe meer we dit echt geloven, hoe meer het lichaam verkrampt en hoe benauwder we ons voelen. Vanuit deze angst willen we misschien panisch van alles gaan doen om ons tekortschieten goed te maken. - Ik ben goed genoegNu kun je jezelf gaan trainen, om je negatieve zelfbeeld om te zetten naar iets positiefs: 'ik ben goed genoeg'. Betrap je jezelf op negativiteit, draai het dan om, stel jezelf gerust. Het wordt zeker nog makkelijker om in jezelf te geloven als je complimenten krijgt of merkt dat het allemaal best goed gaat; dan komt er zelfvertrouwen. - Ik ben goedWat een opluchting om dat zuinige…

0 Reacties

Mochi maken: opgaan in het grotere geheel

De kleuren van de bergen,de beken in het dal,één in alles, alles in één;de stem en het lichaam vanonze Shakyamuni Boeddha.~ Dogen zenji Aan het einde van het jaar kwam de tijd om mochi te maken, de gedroogde koeken van kleefrijst die lang bewaard konden worden. Op de 28e december verzamelden wij ons ‘s ochtends in de tempelkeuken. Een groepje monniken stoomde eerst de kleefrijst in houten kistjes op het vuur. De waterdamp begon langzaam de ruimte te vullen en de zoete geur van de rijst verspreidde zich overal. In het midden van de keuken werd een enorme houten vijzel geplaatst met een bijbehorende houten hamer. Steeds opnieuw werd een grote klont gestoomde kleefrijst in de vijzel gelegd en dan met de hamer gestampt tot hij egaal werd. Het moest een compacte bal worden. Deze bal werd vervolgens weggelegd om op te stijven en uit te drogen. Later, als de  mochi eenmaal keihard was, zou hij in grote stukken worden gesneden en in koud water bewaard. We hadden hiervoor speciale tonnen maar ook een oude badkuip, waar heel wat kilo’s mochi in pasten. Het slaan van de mochi was een speciaal ritueel. Verspreid door de keuken zongen we samen de Hartsoetra, met de handen gevouwen: ‘Fu i ku ku fu i shiki shiki soku ze ku ku…’ ‘Vorm is niet anders dan leegte, leegte niet anders dan vorm…’  Dat we ondertussen elkaars vormen steeds minder konden onderscheiden in de dichte stoom, leek een volmaakte illustratie van de tekst. Roshisama zong ook vol toewijding mee, knikte erbij met zijn hoofd alsof hij alles wilde onderstrepen. Onder het zingen mocht iedereen een keer met de houten hamer op de rijst slaan. Voor de kleine Japanse vrouwen in ons gezelschap was het al een uitdaging om het gevaarte op te tillen; voor de…

0 Reacties

Zelf-perceptie

Toen ik lang geleden sociale psychologie studeerde, kregen we eens college over de ‘self-perception theory’. Deze theorie is gebaseerd op experimenten waarin proefpersonen hun emoties blijken te baseren op hun gedrag. Normaalgesproken zou je verwachten dat het andersom is: dat het gedrag voortkomt uit de emoties. Maar nu, zelfs al werd het gedrag aan de proefpersonen opgelegd van buitenaf, baseerden zijn hun gevoelens erop.  In één experiment bijvoorbeeld moesten proefpersonen een potlood dwars tussen hun lippen houden terwijl ze tekenfilms bekeken. Dankzij hun kunstmatig afgedwongen glimlach, vonden deze mensen de tekenfilms veel grappiger dan de mensen in de controlegroep zonder potlood. De ‘self-perception theory’ stelt zodoende, dat wij onze emoties vaststellen op basis van de reacties die we in onszelf waarnemen. Veel later ging ik het raakvlak van deze theorie met mindfulness zien. Want werkt het niet altijd zo? Hoe weet je het bijvoorbeeld als je verdrietig bent? Je merkt het aan de zware sensaties in het lichaam, aan de tranen in je ogen, aan de treurige gedachten en misschien aan een neiging je terug te trekken. Als je goed kijkt en de blik naar binnen richt, zul je dan ook nergens een ‘ik’ vinden die ‘verdrietig is’, als een soort mannetje in de radio. ‘Verdrietig zijn’ bestaat altijd uit een zekere verzameling van verschijnselen. Iedere keer weer een beetje anders - en altijd in beweging, niet statisch.  Elke dag, de hele dag door, zien we hoe zich van alles in ons voltrekt. Omdat we dit ‘mijn gedachten’ en ‘mijn gevoelens’ noemen, concluderen we: ‘dit is wat ik vind, dit is wat ik voel, dit is wat ik wil’.  Natuurlijk zijn er - ook zonder boeddhistische oefening - ook momenten dat we ons verbazen over wat zich in ons afspeelt, zonder het al te persoonlijk op te vatten. Vroeger paste…

0 Reacties